EkoPlaza


Krant van de Aarde
klik hier

De Club van Tien Miljoen over overbevolking

De Club van Tien Miljoen is een stichting die probeert het taboe te doorbreken dat rust op het probleem van de overbevolking. Deze Stichting probeert een breed maatschappelijk draagvlak te scheppen voor de gedachte dat het aantal inwoners in Nederland op termijn moet worden verlaagd.

1. HET BESPREEKBAAR MAKEN VAN HET ONDERWERP OVERGEVOLKING

Roxane Rakic, psycholoog

2. DENIS DIDEROT OVER HOLLAND IN 1773-1774

Marcel M. Portegies, historicus

3. OVERLEVEN ALS MENSELIJKE SOORT

Jan C. H. M. Hillegers, theoloog en franciscaan

4. WERELDREVOLUTIE DANKZIJ DOODZWIJGEN VAN OVERBEVOLKING

Paul J. Gerbrands, historicus

5. PSYCHOLOGISCHE ASPECTEN VAN OVERBEVOLKING

Albert J. M. Wessendorp, psycholoog-psychotherapeut

1. HET BESPREEKBAAR MAKEN VAN HET ONDERWERP OVERBEVOLKING

.

Het probleem van overbevolking wordt meestal belicht vanuit een economische, voedseltechnische of milieukundige hoek. Tot op de dag van vandaag blijft het echter een onderwerp dat moeilijk aan de man te brengen is, hoewel mondjesmaat steeds meer mensen zich zorgen maken. De durf om dat hardop te uiten, ontbreekt. Daarom is het interessant te bedenken, waarom die durf er niet is.

In dit stuk komen de invalshoeken aan de orde die te maken zouden kunnen hebben met de reden waarom het onderwerp zo moeilijk bespreekbaar is. Het zijn wellicht het verschil in vrijheid en autonomie, de politieke en economische machten en het menselijke gedrag dat wordt gestuurd door aangeboren gedragingen en de omgeving.

.

Vrijheid en autonomie

Het onderwerp ‘hoeveelheid mensen op deze aarde’ of ‘overbevolking’ is een moeilijk bespreekbaar onderwerp. Dat zou kunnen komen, omdat het dicht bij de waarden en grondrechten van de mens komt zoals vrijheid en het recht op autonomie. Deze waarden en de uiting daarvan, worden verschillend geïnterpreteerd door verschillende landen. In rijke landen heeft ‘vrijheid’ een andere lading dan in arme landen. In rijke landen, voornamelijk westerse landen, voelt men zich ‘vrij’ als men bijvoorbeeld genoeg tijd heeft voor zichzelf, zich kan uiten en ontplooien en de keuze kan maken wel of géén kinderen te krijgen. Als men wél kiest voor kinderen, dan zijn die gewenst. Mensen hebben daar over het algemeen heel bewust over nagedacht. Omdat wij in rijke landen veel waarde hechten aan vrijheid en autonomie, is het wellicht des te moeilijker om uitspraken te doen over de hoeveelheid kinderen die mensen krijgen.

.

Functies van het gezin

De functie van het gezin is in rijke landen niet meer de biologische: voortplanten van de soort. Het heeft ook niet meer de economische functie: kinderen laten meehelpen om geld te verdienen voor het gezin. En de religieuze functie is ook vaak zoek: overbrengen van de religie. Maar de affectieve functie van het gezin is groot: genieten van je kinderen en van elkaar houden. In rijke landen willen we plezier hebben van die paar kinderen die we krijgen. We willen ze zien opgroeien, helpen met hun school waar velen zich ook graag in mengen en we gunnen onze kinderen een sportclub en muzieklessen.

In arme landen is, in onze ogen, de vrijheid en autonomie niet zoals wij die ervaren. Veel vrouwen zijn niet vrij in de keuze van hun huwelijkspartner en al helemaal niet in de keuze van het aantal kinderen dat ze krijgen. Het gezin heeft daar vooral de biologische, economische en religieuze functie. Mensen in deze landen blijven veel kinderen krijgen, ondanks het feit dat er noch voor hen zelf noch voor kinderen nauwelijks voedsel, scholing en toekomst zijn en veel landen worden geteisterd door burgeroorlogen.

Met de komst van vele immigranten uit armere landen naar rijke landen, wordt dit zichtbaar. Voor de meeste allochtonen is de functie van het gezin die van de biologische, economische of religieuze. Dat botst met de waarden en normen van de cultuur in het rijke land. Het aantal kinderen dat allochtonen krijgen is veel groter dan dat van de autochtone bevolking. Door een partner uit het land van herkomst te halen, blijft hun systeem in stand, terwijl hun omgeving die van een rijk land is. Er is als het ware geen aansluiting. Intussen groeit hun aantal sterker vergeleken met de autochtone bevolking.

.

Seksualiteit

Een andere invalshoek van de begrippen vrijheid en autonomie is die op het gebied van seksualiteit. Seksualiteit is in eerste instantie bedoeld om zich voort te planten. Seksualiteit en voortplanting hebben in verschillende landen op de wereld verschillende betekenissen. In arme landen is het nog steeds de voortplanting. Als de internationale politiek maatregelen invoert om te bevorderen, dat mensen in deze landen minder kinderen krijgen, dan zal bij de bevolking wellicht de gedachte en de daaraan gekoppelde angst ontstaan, dat ze het als volk niet zullen overleven. Het wekt misschien zelfs een concurrentie in de hand, waarin de ene bevolking bang is dat een andere bevolking zal overheersen. De reactie daarop zal eerder zijn om méér kinderen te krijgen in plaats van minder.

In rijke landen is de betekenis van seksualiteit die van genot hebben, het ontwikkelen van identiteit en zelfontplooiing. In ontwikkelde landen zien mensen het als een vrij geworven recht om kinderen te plannen en te krijgen. ‘Kinderloos zijn’ wordt gezien als een gemis dat gecompenseerd moet worden door middel van medische interventie zoals IVF. Het hebben van kinderen wordt gezien als erbij horen en sociale status. Mensen vinden dit erg belangrijk en zijn gevoelig voor oordelen van anderen op dit gebied (‘Heb jij geen kinderen, waarom niet?’). Bewust kinderloze mensen moeten zich als het ware verantwoorden voor het niet kiezen voor kinderen, terwijl de keuze met de daaraan gekoppelde consequenties om wél kinderen te krijgen eigenlijk een veel zwaardere is. En deze keuze zien mensen als vanzelfsprekend. Mensen in rijke landen kunnen maatregelen ter bevordering van inkrimping van de bevolking interpreteren als een schending van de vrijheid waar ze ooit zo hard voor hebben gevochten. Het komt té dichtbij. De ander komt aan hun intimiteit, hun genot.

Het heeft te maken met hoe wij als mens gezien willen worden. Het heeft te maken met onze sociale status: bijvoorbeeld ik als moeder van een gezin. Want dan pas word ik geaccepteerd. En hoe wij anderen zien: bijvoorbeeld wat vervelend voor je dat je geen kinderen kunt krijgen, dat moet een gemis zijn. Maatregelen invoeren op het gebied van veiligheid of verkeer worden wel geaccepteerd. Die raken de mens niet in zijn intimiteit.

.

Machten

‘Gaat en vermenigvuldigt u’. Deze boodschap kan voortkomen uit politieke, economische of religieuze hoek. Vroeger waren de proletariërs machtig in het aantal kinderen dat ze hadden. Ceaucescu wilde regeren over 25 miljoen mensen en dwong de bevolking kinderen te krijgen, terwijl de mensen leefden onder erbarmelijke omstandigheden. Regeren over een land met veel mensen betekent (inter-) nationaal meer invloed uit kunnen oefenen en dus meer macht.

Grote multinationals hebben eveneens baat bij veel mensen. Hoe meer mensen in arme landen voor hen werken, hoe meer geld zij verdienen, hoe meer macht ze hebben. Inkrimping van de bevolking betekent in hun ogen wellicht niet meer groeien en dus verlies van macht.

Westerse hulporganisaties doen hun uiterste best om anticonceptie bespreekbaar te maken en uit te delen in arme landen. De paus bezoekt deze landen ook en adviseert de mensen om zich toch vooral voort te planten. Dat deden die volkeren al. Anticonceptie is nieuw en roept vraagtekens op. Handhaving van het oude gedrag ligt voor de hand. Zeker als dat óók nog eens beloond wordt.

Deze voorbeelden zijn een vorm van collectieve weerstand die geuit wordt bij het bespreekbaar maken van overbevolking.

.

Gedrag van de mens: aangeboren en aangeleerd

Menselijk gedrag wordt gestuurd door waarden. Dat zijn die zaken in ons leven die we belangrijk vinden zoals vrijheid, geaccepteerd worden, respect, aanzien krijgen, erkenning en identiteitsontwikkeling. Als meer mensen een bepaalde waarde belangrijk vinden, wordt het een norm. We maken dan regels om die waarde te kunnen uiten. Vervolgens worden mensen geacht zich aan die norm te houden of voelen zij zich daartoe gedwongen.

In het geval van voortplanting kan gezegd worden dat mensen gestuurd worden door de waarde dat het hebben van kinderen een mooi goed is. Velen blijken er zo over te denken. De norm is: kinderen krijgen is een mooi goed. Dit ter discussie stellen is als het ware ‘not done’. Je spreekt de norm tegen. Dat levert weerstand op of conflict. Mensen willen dat liever niet.

Mensen reageren snel uit emotie en denken dat degene die het slechts bespréékbaar wil maken, tégen is. Vervolgens wordt de gedachte ‘je bent er tegen’ veroordeeld tot bijvoorbeeld ‘wat een racist’, want racisten zijn slechte mensen’. Blijkbaar is het heel moeilijk voor mensen om eerst te luisteren naar wat de ander precies wil of bedoelt, als deze zoiets bespreekbaar wil maken. Deze stap lukt zelden. Mensen willen hun waarden en normen bewaken en beveiligen. Deze maken deel uit van hun identiteit. Die willen ze niet kwijt. Het uit zich in een opstelling van aanval en verdediging. Dat is niet bevorderlijk om dieper in te kunnen gaan op een onderwerp. De neiging is om ‘dan maar’ in te binden en mee te gaan of te zeggen ‘laat maar’.

.

Deze gedachte gaat ook op voor de waarden erkend, gewaardeerd en geaccepteerd te worden. Een politicus wil graag gewaardeerd worden. Door een uitspraak te doen over overbevolking, maakt hij zich niet geliefd. Een politicus wil stemmen winnen voor de partij. Op deze manier lukt dat dan niet. Ook ‘nee’ zeggen tegen immigratie levert het idee op ‘niet aardig gevonden worden door de ander’. Dat risico nemen mensen liever niet. Of het volk de politicus inderdaad niet aardig vindt, of dat het hem alleen maar zal prijzen voor zijn standpunt, komt niet eens duidelijk naar voren.

Mensen laten zich beïnvloeden door de omgeving en mensen leren van hun ervaringen. Mensen leren vooral, als ze geconfronteerd worden met hun ervaringen. Vooruit denken over die confrontatie, levert nog niet de daadwerkelijke confrontatie op. Mensen leven in het hier en nu. Nu hebben de meeste mensen nog geen directe last van overbevolking of ze zijn zich niet bewust van de oorzaak van hun stress, files, wachttijden enz. De enkeling die de overbevolking wél als oorzaak van problemen ervaart, verhuist naar een gebied waar minder mensen wonen, naar randgemeenten of emigreren naar het buitenland.

Nú maatregelen nemen op het gebied van overbevolking levert op zijn vroegst effect op over 20 jaar. Dat is voor de meeste mensen te ver weg. Zeker voor de massa. Zo lang mensen nu nog voedsel en water hebben, elke dag onder de douche kunnen en hun huis nog stevig staat, gaan ze door met de orde van de dag. Er is geen interesse in het vraagstuk, want het raakt de mensen niet. Mensen kiezen voor het dagelijkse leven op de korte termijn. Dat leven moet gemakkelijk zijn, moet fijn zijn, moet plezierig zijn, mag geen pech opleveren enz. Mensen kiezen niet voor investeren in activiteiten die pas effecten hebben op lange termijn: zuinig aan doen, minder water gebruiken, minder luxe gebruiken etc. Wellicht heeft dat ook te maken met het feit dat iemand dat uit zichzelf niet zomaar zal doen, als de anderen het ook niet doen. ‘Waarom zou ik zo zuinig doen, als het in het leven van alle dag geen effect heeft en mijn buurman het ook niet doet. Wat maakt het nou uit, als ik wél zuinig doe met water en de industrie toch doorgaat?’ Bovendien, voedsel kopen dat bijvoorbeeld van biologische herkomst is, is vele malen duurder. De massa heeft in dat opzicht niet eens een keus. Alleen mensen met uitgesproken principes willen daar nog wel aan meedoen. Zij begrijpen, dat ze tevens betalen voor het milieu.

Hooguit zal de mens de indirecte gevolgen merken: files, inzakken van de grond, vervuiling, enz. Echter, veel mensen hebben de utopie dat de mens als wezen, tegen de tijd dat het echt menens wordt, wel een uitvinding zal hebben. ‘De techniek laat ons niet in de steek. De generatie ná ons kan dat wel opknappen’. Dat steeds de symptomen worden opgelost en niet de oorzaak zelf wordt aangepakt, dringt niet door.

De (westerse) mens heeft een onbeperkt geloof in zijn eigen kunnen. Geloof in de maakbaarheid van de samenleving en misschien wel in de maakbaarheid van de mens. Dat er ooit echt een grens aan de groei zal zijn, is dan niet gemakkelijk te accepteren. Het gaat toch nog steeds goed? Pas als er een natuurramp is zoals een grote overstroming, of als AIDS veel slachtoffers maakt, beginnen sommigen toch wel te piepen, maar al snel wordt de schuld gegeven aan ‘falende’ hulpdiensten die in wezen slechts symptoombestrijders zijn. Waaróm er een overstroming is en waaróm er AIDS is…? Het verband tussen dergelijke problemen en de hoeveelheid mensen, dat zien mensen niet gauw. Het idee dat de natuur zou ingrijpen in het aantal mensen, vinden mensen vaak onacceptabel.

.

Een lange weg te gaan

Om inzicht te geven in het feit dat de hoeveelheid mensen de oorzaak is van vele problemen en dat niet alleen de natuur maar ook de mens zelf daardoor in de problemen komt, zal een lange weg zijn. Belangrijk is, dat er wetenschappelijk bewijs komt. Tevens is belangrijk, dat het probleem van de overbevolking zódanig wordt gepresenteerd, dat het uitdaagt tot nadenken in termen van zorg. Zorg voor onszelf, de natuur en de toekomstige generaties. Deze internationale dialoog zoeken en voeren zal meer effect hebben dan een debat en het opleggen van maatregelen van bovenaf.

.

Roxane Rakic, psycholoog

.

2. DENIS DIDEROT OVER HOLLAND IN 1773-1774

.

‘En de bevolking groeide maar door’

Denis Diderot (1713-1784) is een van de belangrijkste Franse filosofen uit de achttiende eeuw. In 1773 en 1774 maakte hij een reis door Holland. Dat gewest was volgens hem dicht bevolkt en kende een grote immigratie. Sinds Diderots reis is het aantal mensen per km2 in Holland vier maal zo hard gegroeid als in Frankrijk.

Inleiding

.

Rond 1770 is een reis door het buitenland voor Franse intellectuelen gebruikelijk. Holland is sinds de schrijver J.L.G. de Balzac (1594-1655) en de filosoof R. Descartes (1596-1650) een tweede vaderland voor Franse geleerden geworden. De boekhandels van Parijs hadden veel over de Republiek der Verenigde Nederlanden. Dat weerhield reizigers er niet van tot aan de Revolutie van 1789 telkens weer reisverslagen over Holland te schrijven.1

Ook Denis Diderot (1713-1784) deed een boekje open over wat hij noemde: `Het Egypte van Europa'. Diderot geldt als een van de belangrijkste Franse filosofen uit de achttiende eeuw. Van 15 juni tot 20 augustus 1773 en vervolgens van 5 april tot 15 oktober 1774 logeert hij bij de ambassadeur van Rusland in Den Haag. Vanuit de Hofstad maakt hij een paar uitstapjes naar Scheveningen, Leiden, Haarlem, Amsterdam, Delft, Zaandam en Utrecht. Behalve in laatst genoemde stad blijft hij dus binnen de grenzen van het gewest Holland.1

.

Immigratie

In zijn reisverhaal heeft de filosoof Frankrijk in gedachten als hij zijn mening over Holland geeft.1 In zijn vaderland woonden relatief veel minder mensen. In 1789 ongeveer 54 per km2. In 1795 leefden in Holland op een zelfde stuk grond plus minus 144 mensen.3

Volgens Diderot was het glashelder waar al die Nederlanders vandaan kwamen. Hij schreef: `De republieken rekruteren hun inwoners uit de monarchieën. Behalve de buitenlanders, die van alle kanten worden aangetrokken door de burgerlijke, politieke vrijheden en de godsdienstvrijheid rekruteert de republiek ook hen die uit nieuwsgierigheid komen of in de hoop rijk te worden. Onder hen ook een groot aantal Duitse en Zwitserse onderdanen om de landmacht en de marine te dienen; ze vormen er tweederde van en ze hebben zich bijna allemaal door middel van het huwelijk hier te lande gevestigd.'1

.

De wijsgeer was goed geïnformeerd. Een van de meest typerende kenmerken van de Nederlandse samenleving van de achttiende eeuw is dat er, terwijl veel geschoolde Nederlanders naar het buitenland vertrokken, de grote immigratie vanuit noordwest Duitsland niet afnam. Dit kwam omdat de Nederlandse arbeiders een aanzienlijk hogere levensstandaard kenden dan in de omringende landen. Dit gold vooral voor Holland. Dit moedigde de Hollandse werkgevers aan immigranten uit Noord-Brabant, Overijssel, Gelderland en vooral uit Duitsland aan te trekken. Daar was men gewend aan zwaarder werk en een lager loon.4

Ook in het Staatse leger waren veel buitenlanders te vinden. Dit kwam omdat het leger uit huurlingen bestond, ook weer vooral uit Duitsland, maar ook uit Denemarken, Zweden en Zwitserland. Na 1688 werden soms complete buitenlandse eenheden ingehuurd.5

.

Verstedelijkt

Door de hoge welvaart vestigden zich dus veel buitenlanders in Holland. Diderot schrijft dan ook, dat `er haast geen ander land ter wereld welvarender is en in vergelijking met zijn oppervlak dichter bevolkt, het resultaat van nijverheid, bedrijvigheid, economie, noeste arbeid en winstbejag. Sinds jaar en dag wordt hier met overtuiging beweerd, dat het gewest Holland, hoe klein ook, alleen al meer dan 2.500.000 inwoners telt. (...) Grote steden, stadjes en dorpen liggen tegen elkaar aan en de bevolking groeit maar door.'1

Hier is de wijsgeer echter op het verkeerde been gezet. In 1650 telde Holland naar schatting nog 903.000 inwoners, welk aantal daalde tot 794.146 volgens de volkstelling van 1795.3 Dit laat echter onverlet, dat hij vond dat Holland verstedelijkt was. Diderot: `Men oordele zelf over het aantal grote en kleine Hollandse steden en hun onderlinge nabijheid. Er zijn achtenveertig steden vanwaar men gemakkelijk in één dag Utrecht kan bereiken, en er zijn er drieëndertig waarnaar men zonder al te moe te worden op één dag vanuit Utrecht heen en weer kan reizen.'1

Maar goed dat de geleerde Fransman nu niet meer door Holland kan reizen. Het laat zich raden, wat hij daar nu over geschreven zou hebben. Immers in 2001 woonden maar liefst 465 mensen per km2 in Holland. In Frankrijk leefden toen op een zelfde stuk grond 108 mensen.6 Ofwel, sinds het einde van de achttiende eeuw is Holland vergeleken met Frankrijk bijna vier maal zo dichtbevolkt geworden. Tegenwoordig hebben de Fransen dus niet meer ruim twee en half, maar tien maal zoveel ruimte als de Hollanders.

.

Marcel M. Portegies, historicus

Noten

1.    Diderot, D., Over Holland. Een journalistieke reis 1773-1774, Amsterdam en Antwerpen 1994, p. 9, 14, 23, 27, 29, 30, 110-126.

2.    Ardagh, J., Atlas van Frankrijk, Amsterdam 1992, p. 58, 63.

3.    Hofstee, E.W., Demografische ontwikkeling van de Noordelijke Nederlanden circa 1800-circa 1975, in: Algemene Geschiedenis der Nederlanden, deel 10, Haarlem 1981, p. 64, 65. Kossmann, E.H., De Lage Landen 1780-1980. Twee eeuwen Nederland en België, Deel 1, Amsterdam en Brussel 1986, p. 23.

4.    Israel, J.I., De Republiek 1477-1806, Deel II, Franeker 1996, p. 1146.

5.    Stalknecht, H., Het leger, Zwolle 2000 (20 Eeuwen Nederland en de Nederlanders, nr. 36), p. 857.

6.    Anonymus, Krimp nu voor later. Een zaak voor onze kinderen en kleinkinderen, z.p. 2002 (brochure Stichting De Club Van Tien Miljoen), p. 8.Anonymus, Statistisch Jaarboek 2002 (Centraal Bureau voor de Statistiek), Voorburg en Heerlen 2002, p. 43, 44.

.

3.  OVERLEVEN ALS MENSELIJKE SOORT

Overleven is een creatieve kunst. Allerlei organismen, zowel planten als dieren, bezitten die kunst. Zij hebben daar hun eigenheden en eigenaardigheden voor ontwikkeld waarmee ze hun problemen kunnen oplossen. Wie onder wisselende omstandigheden en op de meest uiteenlopende terreinen het best zijn problemen oplost, wint de strijd om het bestaan en overleeft. Wie een foute oplossing kiest, gaat met zijn foute oplossing ten onder. Pas achteraf blijkt of de gekozen oplossing goed of fout was. Charles Darwin heeft dit probleemoplossend vermogen bestudeerd.

.

Dierlijke patronen

Het vinden van oplossingen voor het overlevingsprobleem in de natuur verloopt meestal volgens vaste patronen en onveranderlijke wetmatigheden. Ze zijn vastgelegd in de anatomische bouw, in de instincten en in de sociale organisaties. Zo heeft de ijsbeer een dikke, witte, vacht met schutkleur ontwikkeld om in de ijskoude robben te vangen. Zo werkt de wolf voor de jacht samen in zijn roedel en kan de cactus in de steppe overleven, omdat hij nauwelijks water verdampt en zijn stekels verhinderen dat hij wordt opgevreten. Zwaluwen trekken, spinnen weven hun web. Het zijn rotsvaste overlevingsstrategieën geworden, die als vaste patronen een onafhankelijk en autonoom leven leiden.

De dieren en de planten, de organismen, zijn wel de gevangenen geworden van hun eigen patronen die ze zelf in de loop van de evolutie ontworpen hebben. De structuur is dwingend hun leven gaan bepalen. De slak zit vast aan zijn huisje en de pauw aan zijn staart. En omdat het patroon immobiel en star is geworden, gaat het organisme soms ten onder als de omstandigheden al te fors veranderen. Bijsturing is slechts op zeer beperkte schaal mogelijk. De ‘goede oplossing’ van ooit is dan een ‘dodelijke fixatie’ geworden.

.

Menselijke patronen

Op analoge wijze heeft de menselijke samenleving om te overleven ook oplossingen voor allerlei problemen gevonden. Deze zijn vastgelegd in de structuren, de instituties, de organisaties en de wetmatigheden die samen de sociale realiteit vormen. Maar ook hier zien we, dat fixatie en immobiliteit optreden. Structuren en instituties gaan een autonoom bestaan leiden. Zij kunnen verworden tot schier onbetwijfelbare axioma’s, onbespreekbare taboes, irrationele mythen en ‘heilige koeien’. De mens is dan ook de gevangene geworden van de structuur die hij ooit zelf in het leven heeft geroepen. Wat eens een ‘goede oplossing’ was, leidt nu - omdat de omstandigheden vaak drastisch veranderd zijn - tot een dodelijke verstikking.

Zo was economische groei ooit de oplossing voor armoede. Kinderbijslag was bedoeld om kinderen uit gezinnen met de laagste inkomens een scholingskans te geven. De auto om de mobiliteit van mensen te vergroten. Grote gezinnen als hefboom voor de emancipatie van katholieken. Het aantrekken van gastarbeiders om de welvaart op peil te houden door lege arbeidsplaatsen op te vullen. Het promoten van de multiculturele samenleving om vreemdelingen zichzelf te kunnen laten zijn.

.

Gewijzigde omstandigheden

Al deze goede oplossingen blijven niet persé goede oplossingen. Nu de omstandigheden fundamenteel veranderd zijn, blijken zulke ooit goede of redelijke oplossingen voor het overlevingsprobleem van de mens ook starre taboes die verstikkend werken. De mens is nu soms als een spin die in een windtunnel toch zijn web wil kunnen blijven bouwen: hij haalt het niet. Het konijn dat in beton zijn gang wil graven, krabt zijn poten stuk. Een klein land dat pretendeert van 10 naar 20 miljoen inwoners te moeten groeien, omdat het ooit van 5 naar 10 miljoen inwoners kon verdubbelen, gaat zijn ondergang tegemoet. Je kunt niet ongestraft beton blijven storten en asfalt blijven leggen. Gelukkig zijn er mensen die dat inzien.

Sterker nog: wat in een bepaalde tijd en onder bepaalde omstandigheden een goede oplossing was, blijkt in gewijzigde omstandigheden volledig fataal. Zo beschouwt de Stichting CVTM het willen handhaven van een wereldbevolking van 6 miljard of meer als een fatale, dodelijke dwaling. Zij meent dat een gericht streven naar een wereldbevolking van 3 miljard en naar een inwonersaantal van 10 miljoen of minder voor Nederland, een goede, verantwoorde oplossing is.

.

Conservatisme

Vele politici houden vast aan de goede oplossingen uit het verleden en zij weigeren te erkennen dat die wel eens fataal kunnen zijn voor het heden of de toekomst. Het is niet duidelijk of dit obstinate conservatisme voortkomt òf uit domheid òf uit angst òf uit machtsgeilheid. Wellicht een combinatie. Vanuit dit politieke conservatisme worden schijnoplossingen gepresenteerd als echte oplossingen, klungelig prutswerk als revolutionaire innovaties: ingebruikname van de vluchtstrook op de autoweg, de leges van de verblijfsvergunning voor vreemdelingen met 20% verhogen, een stad in zee bouwen, de invoering van de vakantiespreiding, parkeermeters, hoogbouw etc

.

Een aangepast antwoord

Het is allemaal van hetzelfde te veel. Na Paars I en II is er nu eigenlijk Paars III. Het leek iets anders te worden, maar Fortuyn werd vermoord en zijn erfgenamen verscheurden elkaar. Het wordt tijd voor een politiek die radicaal de overbevolking centraal stelt. De tijd dringt, want het evolutionaire antwoord op de veranderende omstandigheden wordt langzaam geformuleerd. Wij hebben geen immense tijdperken tot onze beschikking om ons overlevingsprobleem op te lossen. De prijs die wij straks moeten betalen als onze uitgebuite en getergde aarde terugslaat, zou overigens wel eens niet opgebracht kunnen worden. Dan staat de homo sapiens in dezelfde galerij als de dontosauriër, de mammoet en de dodo! Met onze ratio hebben we echter het instrument in huis om de bedreigende en uit de hand gelopen omstandigheden te veranderen. Laten we daarom dat verstand ook gebruiken en kiezen voor een werkelijk aangepast antwoord: het rigoureus terugdringen van de wereldbevolking, te beginnen in Nederland.

.

Jan C. H. M. Hillegers, theoloog en franciscaan

Noot

Enkele inspirerende gedachten zijn ontleend aan: ‘Het verschijnsel wetenschap’, door H. Koningsveld. ISBN 90 6009 238 4

.

4. WERELDREVOLUTIE DANKZIJ DOODZWIJGEN VAN OVERBEVOLKING

.

100 jaar na de communistische revolutie van 1917

.

De verzorgingsstaat, het paradijs op aarde. Met dank aan het liberale kapitalisme dat veel zegeningen heeft gebracht aan de rijke landen en zelfs populair werd toen de negatieve kantjes er van af waren. Het kapitalisme, aanvankelijk door communisten en socialisten fel bestreden, maar heimelijk begeerd, is nu wereldwijd wapen nummer één in de strijd tegen de armoede. Dat is nog niet genoeg, want al wat riekt naar overheidsbemoeienis wordt weggepoetst. Het stelsel zou garant staan voor ieders welvaart.

.

Kapitalisme

Maar het kapitalisme grijpt zijn kans, nu er geen noemenswaardige tegenstand meer is van socialisten en communisten. Europa en de Verenigde Staten leggen de rest van de wereld hun wil op. Zij willen voor alles hun welvaart behouden, ook al betekent dit gelegaliseerd plunderen van de Derde Wereld. Zo legt Nederland beslag op een stuk grond dat ruim 14 keer groter is dan Nederland zelf. Dat heet de ecologische voetafdruk van Nederland. Zoiets doen alle rijke staten. Soms zijn daar oorlogen voor nodig, tariefmuren of een politieke macht geconcentreerd in bijvoorbeeld de EU.

.

Bakens verzetten

Er zijn nu ruim zes miljard mensen. Volgens westerse rekenmeesters is er maar voor drie miljard een leven mogelijk dat voldoet aan alle westerse eisen voor welvaart. Voorlopig schijnt alleen China zich af te vragen hoe het verder moet, als straks 1,3 miljard Chinezen ook volgens die westerse normen hun leven gaan inrichten met snelle auto’s en ijskasten. China anticipeert op een nieuwe situatie en kiest voor minder mensen die straks meer te verteren hebben. Nederland denkt nog steeds met een eenvoudige milieubelasting alle problemen te kunnen oplossen. En terwijl hier alles steeds groter, beter, sneller, hoger en mooier moet, nemen armoede en honger elders in de wereld toe en wordt de kloof van Europa en de VS met de rest van de wereld nog groter. De vraag is of het kapitalisme en de economische groei inderdaad de meest geschikte instrumenten zijn om nu de bakens te verzetten.

.

Staken om loonsverhoging

16 miljoen Nederlanders vervuilen en consumeren op dit moment evenveel als 200 miljoen Chinezen nu doen. Dan is de vraag op zijn plaats of Nederlanders ook terugmoeten, in welvaart of in aantal mensen. Maar vooralsnog steekt niemand zijn nek uit om de kiezer te vertellen, dat we collectief het bestedingspatroon in Nederland fors moeten verlagen. Er wordt zelfs gestaakt, als de loonsverhoging te weinig is. Wel pakt de Nederlandse overheid alcohol- en drugsgebruik, geweld, burenruzies en vooroordelen aan, maar naar de oorzaken daarvan, namelijk het verdriet en de woede van vele autochtonen en allochtonen, die geen kant meer uitkunnen, wordt nauwelijks gekeken. Het is niet vreemd dat mensen hun volksvertegenwoordigers niet meer begrijpen.

.

Cosmetische praat

Maar wat weten die korte termijn politici zonder overall visie nu van politiek bedrijven? Ook hen is de multiculturele samenleving overkomen, evenzo de massale immigratie, de mislukte integratie, de snelle groei van de welvaart en het aantal mensen dat daar gebruik van maakt, de files en de problemen rond Schiphol enz. Vandaar al die schijnoplossingen, de noodverbanden en de symptoombestrijding. Die bieden geen wezenlijke oplossingen voor het genezingsproces van het dichtgegroeide Nederland. D’66 zet in op een paar extra vierkante meters speeltuin en een gekozen burgemeester, het CDA op het gezin en de kinderbijslag, de PvdA wil de grondwet herschrijven in hedendaags Nederlands en GroenLinks wil meer vluchtelingen toelaten. Allemaal leuke, niet relevante, cosmetische praat die moet verhullen, dat ook de politieke partijen het niet meer weten. Het politieke stelsel bestaat bij de gratie van hen die de greep op de politieke macht willen houden. Daaruit is verklaarbaar dat er openlijk gesproken wordt over een fusie van D’66 en de VVD of van de PvdA met GroenLinks. Maar zou het veel uitmaken, als álle bestaande politieke partijen zouden fuseren tot één partij?

.

Wereldrevolutie

Waar het om gaat, wordt buiten beeld gehouden. Overbevolking als probleem wordt ontkend. Bevolkingspolitiek, zélfs verbonden met ecologie, blijft een vies woord. Want bevolkingspolitiek doet immers altijd denken aan het Derde Rijk. De totalitair aandoende krampachtigheid waarmee de Nederlandse politiek zegt het fascisme, de criminaliteit en het racisme te bestrijden, is in feite slechts een camouflage voor het gebrek aan visie en argumenten. En angst voor het verlies van de macht leidt altijd tot repressie, hier beter bekend als politieke correctheid. Soms worden er wel eens oplossingen aangedragen tegen de constante groei: bijvoorbeeld voor verlaging van de welvaart, voor inkrimping, voor vermindering van het aantal mensen in een te vol land en voor bevolkingspolitiek. Maar dan wordt de brenger van de boodschap al snel een sombere onheilsprofeet genoemd. Of gewoon een racist. Daarmee is de discussie weer gesloten. Intussen wordt de hele wereld opgeofferd aan het kapitalistische groeimodel van de V.S en Europa. De rijken van de wereld spinnen er garen bij. Maar de armen, de rest van de wereld, vooral de derde wereld, zijn als de proletariërs uit het Rusland van de tsaren. Het protest van de antiglobalisten is slechts een voorbode van wat straks de tweede proletarische wereldrevolutie gaat heten. Misschien vindt die wel plaats in 2017.

.

Paul J. Gerbrands, historicus

.

5. Slot: PSYCHOLOGISCHE ASPECTEN VAN OVERBEVOLKING lees verder